Lang geleden, na het einde van een relatie, hoorde ik via anderen dat ik niet in staat zou zijn om lief te hebben. Dat was het verhaal dat mijn voormalige partner vertelde. Dezelfde partner die er tijdens onze relatie een stiekem en spannend leven naast had gehouden. Het vreemdgaan werd daarmee niet rechtstreeks gerechtvaardigd; mijn vermeende onvermogen om lief te hebben moest verklaren waarom onze relatie was stukgelopen. Mensen namen het aan, en ik bleef verbijsterd achter. Ik had toch liefgehad? Ik had toch juist ongelooflijk mijn best gedaan om bij die ander te blijven?
Pas later kon ik zien hoeveel er in dat mijn best doen verloren was gegaan. Ik had me aangepast, dingen ingehouden en steeds minder uitgesproken wat ik miste. Ik wilde de nabijheid bewaren met iemand bij wie ik voortdurend voelde hoe gemakkelijk die me kon ontglippen. Ondertussen werd ik stiller. Van buitenaf was misschien vooral een vrouw zichtbaar die weinig vroeg en zich wel redde. Wat daaraan voorafging, was steeds moeilijker te zien.
Je kunt zo je best doen om iemand niet kwijt te raken, dat je zelf uit de relatie verdwijnt.
Wat me sindsdien bezighoudt, is hoe gemakkelijk we iemand die weinig vraagt aanzien voor iemand die weinig nodig heeft. En hoe we dat zelf ook kunnen gaan geloven. Je lost je teleurstelling op, stelt je verwachtingen bij en gaat verder. Op den duur voelt het bijna vanzelfsprekend om eerst bij jezelf te zoeken naar een manier om iets te dragen. De mogelijkheid om ermee naar de ander te gaan komt pas later, als ze überhaupt nog bij je opkomt. Voor mij raakt autonomie in je relatie precies aan die ruimte: kun je jezelf redden én toelaten dat je iemand nodig hebt?
Wat is autonomie in je relatie?
In mijn podcast Het moment voor je ja onderzoek ik het verschil tussen zelfstandigheid en autonomie. Dat onderscheid lijkt op papier misschien klein, maar het raakt voor mij aan iets wezenlijks. Zelfstandigheid zegt iets over wat je kunt. Autonomie gaat ook over de ruimte om te kiezen: kan ik merken wat ik wil, en mag dat richting geven aan wat ik doe? Daar hoort de mogelijkheid bij om iets zelf op te lossen, maar ook om iemand nodig te hebben terwijl je het waarschijnlijk best alleen zou redden.
Ook binnen de zelfdeterminatietheorie over relaties wordt autonomie onderscheiden van onafhankelijkheid. Je kunt uit vrije wil op je partner leunen. Verbondenheid en de ruimte om jezelf te zijn kunnen elkaar juist versterken.
Toch kan iemand nodig hebben ongemakkelijk zijn. Zolang je het zelf kunt, voelt hulp vragen al snel overbodig. Je wilt de ander niet belasten, die heeft ook genoeg aan het hoofd. Dus zoek je het uit, breng je jezelf tot bedaren en vertel je later misschien wat er speelde. Tegen die tijd heb je de scherpe kantjes er al afgehaald. De ander krijgt een verhaal over iets wat je hebt doorgemaakt, terwijl jij op het moeilijkste moment alleen was.
Daar hoeft één keer niets mis mee te zijn. Maar als het je vertrouwde manier wordt, kan er iets tussen jullie verschralen. De ander ziet hoe goed je jezelf redt en krijgt weinig gelegenheid om naast je te staan wanneer je het nog niet weet. Jij kunt ondertussen missen dat iemand naar je omkijkt. Zo ontstaat een pijnlijke situatie: je verlangt ernaar dat iemand dichterbij komt, terwijl je steeds minder laat zien waar diegene je zou kunnen vinden. Over dat geleidelijke stiller worden schreef ik eerder in Je stem kwijt in relaties.
Je behoeften inslikken: de regel die niemand meer hoeft uit te spreken
In die vroegere relatie zei ik geregeld tegen mezelf: ach, laat maar. Het ging over iets wat ik had willen zeggen, over gemis, over een behoefte waarvoor ik steeds minder vertrouwen had dat ze ergens kon aankomen. Dat zinnetje hielp me om verder te gaan zonder opnieuw de teleurstelling te hoeven voelen. Het hielp me ook om mezelf stil te houden.
Mijn ‘ach, laat maar’ was een vraag die niet meer in een antwoord geloofde.
In de podcast ga ik in op hoe verwachtingen van buitenaf innerlijke regels kunnen worden. Daar wordt het woord introjectie voor gebruikt: een verwachting wordt een innerlijke verplichting. Je moet rekening houden met anderen. Je hoort je eigen problemen op te lossen. Je kunt niet telkens aandacht vragen voor wat jij voelt. Onderzoek naar voorwaardelijke waardering door ouders beschrijft hoe die waardering kan samenhangen met innerlijke druk om aan verwachtingen te voldoen. Zulke regels kunnen vroeg ontstaan; ervaringen in latere relaties kunnen vertrouwde overtuigingen opnieuw bevestigen.
Het ingewikkelde is dat een innerlijke regel meestal niet klinkt als een beperking. Ze klinkt verstandig. Je vindt dat je begrip moet hebben, dat je niet overal een punt van moet maken, dat de ander ook zijn vrijheid nodig heeft. Daar kun je oprecht achter staan. Alleen wordt het belangrijk om te onderzoeken wat er gebeurt wanneer jij eens iets anders wilt. Kun je dan nog bij je eigen voorkeur blijven, of voel je je onmiddellijk lastig, veeleisend of egoïstisch?
Dat schuldgevoel kan er al zijn voordat de ander heeft gereageerd. Je overweegt een avond voor jezelf en voelt dat je iemand tekortdoet. Je wilt steun vragen en begint alvast uit te leggen dat het ook wel meevalt. Er is nog geen afwijzing geweest, maar je bent je behoefte al aan het verkleinen. De ander hoeft haar niet meer terzijde te schuiven; dat heb je zelf inmiddels gedaan.
Waarom nee zeggen al vóór je antwoord moeilijk kan zijn
Daarom vertraag ik in de podcast bij het moment voordat iemand ja zegt. Er kan in dat kleine ogenblik veel gebeuren. Je adem stokt, je schouders spannen zich aan, je voelt onrust bij de mogelijkheid om een ander antwoord te geven. Een toezegging maakt daar snel een einde aan. Je weet weer wat je gaat doen en hoeft niet langer te verdragen wat de twijfel oproept.
Dat lichamelijke ongemak is geen sluitend bewijs dat je eigenlijk nee wilt zeggen. Wel kan het een reden zijn om nog even te wachten. Misschien botsen er twee dingen: wat je zelf wilt en wat je vreest dat die keuze betekent voor de verbinding. Als ja zeggen je vooral helpt om die spanning kwijt te raken, krijgt je eigen voorkeur nauwelijks tijd om duidelijk te worden.
Mijn ‘ach, laat maar’ herken ik als een verwante beweging. Er was iets in mij dat aandacht vroeg, en ik stapte eroverheen. Achteraf kon ik vaak prima uitleggen waarom ik niets had gezegd. Maar die uitleg vertelde niet het hele verhaal. Er zat ook pijn onder, en de verwachting dat uitspreken me opnieuw alleen zou laten staan. Meer inzicht alleen had dat niet zomaar veranderd. Ik had ook moeten leren verdragen dat mijn behoefte er was, zonder haar onmiddellijk weg te redeneren. Dat is de stap die gemakkelijk wordt overgeslagen wanneer we het hebben over grenzen stellen in relaties: voordat je een grens kunt uitspreken, moet je jezelf de gelegenheid geven haar te voelen.

Wat blijft bestaan als je relatie inmiddels veiliger is?
Een vertrouwde manier om jezelf te beschermen verdwijnt niet noodzakelijk zodra de omstandigheden veranderen. Je kunt mensen om je heen hebben die je graag willen helpen en toch automatisch zeggen dat het wel gaat. Je kunt ruimte krijgen en haar nauwelijks gebruiken, omdat je gewend bent eerst te onderzoeken hoe weinig je nodig kunt hebben. Aan de buitenkant is er meer vrijheid gekomen; vanbinnen voelt een beroep op de ander nog altijd riskant.
Dat maakt zelfstandigheid soms zo dubbel. Ze heeft je door moeilijke tijden geholpen. Je hebt op jezelf kunnen bouwen toen je weinig vertrouwen had in wat er van de ander zou komen. Maar wanneer je steeds als eerste alles zelf opvangt, krijgt een nieuwe ervaring weinig kans. Je blijft alleen dragen en kunt daarin opnieuw bevestigd zien dat je er alleen voor staat.
Dat betekent niet dat ieder gemis voortkomt uit je eigen terughoudendheid. In mijn vroegere relatie waren er concrete redenen voor mijn wantrouwen. Het zou onrecht doen aan die ervaring om te suggereren dat ik alleen maar duidelijker had hoeven spreken. Wel wil ik voorkomen dat wat daar nodig leek later onopgemerkt mijn mogelijkheden blijft bepalen. Ik wil kunnen merken of ik reageer op wat er nu tussen ons gebeurt, of alvast rekening houd met een antwoord dat ik van vroeger ken.
Jezelf laten zien vraagt ook iets van de ander
Autonomie wordt gemakkelijk weer een taak voor degene die al zoveel zelf doet: beter voelen, grenzen stellen, hulp vragen. Maar de reactie op die hulpvraag doet ertoe. Je kunt jezelf oefenen in openheid; je kunt niet in je eentje zorgen voor een relatie waarin die openheid wordt ontvangen. Daarvoor is ook iemand nodig die belangstelling houdt wanneer jouw behoefte ongemakkelijk is, of je antwoord anders uitvalt dan gehoopt.
Die vraag stel ik nadrukkelijk ook aan mezelf. Kan iemand mij vertellen dat iets pijn doet zonder dat ik meteen mijn bedoeling ga uitleggen? Kan ik horen dat de ander iets mist, ook als ik het gevoel heb dat ik veel geef? Mijn reactie bepaalt mede hoeveel vertrouwen diegene heeft om een volgende keer opnieuw iets naar voren te brengen. We zeggen gemakkelijk dat iemand alles bij ons kwijt kan. Vooral wanneer we iets liever niet horen, krijgt die belofte betekenis.
Ik ben dankbaar dat ik nu ervaar hoe het is om me veilig genoeg te voelen om nodig te durven hebben. Ik hoef niet eerst alles zelf op te lossen voordat ik naar de ander toe mag. Er kan iets van mij komen wat nog niet helder is en waarvoor we niet meteen een antwoord hebben. Juist in die ruimte voel ik soms hoeveel ik vroeger alleen heb gehouden, en hoeveel het betekent dat dat nu niet meer vanzelfsprekend hoeft.
Ik weet nu hoe liefde voelt als ik er zelf ook in mag voorkomen.
Voor mij raakt dat aan de kern van autonomie in een relatie. Mijn zelfstandigheid blijft van waarde, maar hoeft niet iedere situatie over te nemen. Ik mag zelf iets dragen en ik mag toenadering zoeken. De vraag is daarom niet alleen of ik het alleen kan. Ze is ook of ik mezelf nog de gelegenheid geef om te ontdekken wat er mogelijk wordt wanneer ik iemand laat merken dat ik diegene nodig heb.
In aflevering 16 van mijn podcast Hechting bij sterke vrouwen, ‘Het moment voor je ja’, onderzoek ik verder hoe zelfstandigheid, innerlijke druk en de ruimte om te kiezen met elkaar samenhangen. Je vindt mijn afleveringen op de podcastpagina van Hechting bij sterke vrouwen.
Literatuur en podcast
- Assor, A., Roth, G., & Deci, E. L. (2004). The emotional costs of parents’ conditional regard: A self-determination theory analysis. Journal of Personality, 72(1), 47–88. Over de samenhang tussen voorwaardelijke waardering, innerlijke druk en introjectie. Lees het onderzoek (Engels, pdf).
- Center for Self-Determination Theory. Relationships. Een overzicht van autonomie en verbondenheid in relaties, en waarom jezelf kunnen zijn en op een ander kunnen leunen samengaan. Lees de toelichting (Engels).
- Veldt, B. Het moment voor je ja. Hechting bij sterke vrouwen, aflevering 16. Over zelfstandigheid, autonomie en wat er gebeurt voordat je antwoord geeft op een verzoek. Naar de podcastpagina.
Verder lezen




